ECLI:NL:RBMID:2001:AB1556
Rechtbank Middelburg
- Hoger beroep
- H.A. Witsiers
- E.K. van der Lende - Mulder Smit
- E.P. Jansen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vakantierechten tijdens zwangerschaps- en bevallingsverlof bij ROC Zeeland
ROC Zeeland ging in hoger beroep tegen vonnissen van de kantonrechter over de toekenning van vakantiedagen aan een werkneemster tijdens haar zwangerschaps- en bevallingsverlof. De kern van het geschil betrof de uitleg van de vakantieregeling in het RPBO en de CAO, waarbij ROC Zeeland stelde dat vakantiedagen gekoppeld zijn aan schoolvakanties en dat er geen recht op compensatie bestaat bij samenval met verlof.
De rechtbank oordeelde dat de vakantieregeling zo moet worden uitgelegd dat de werkneemster vakantierechten heeft en deze in beginsel moet opnemen tijdens de schoolvakanties. Het feit dat zwangerschaps- en bevallingsverlof samenvallen met schoolvakantiedagen mag niet leiden tot verlies van vakantiedagen. Het ontbreken van een compensatieregeling leidt tot ongeoorloofde discriminatie van vrouwen, in strijd met Europese en Nederlandse gelijkebehandelingsregels.
De rechtbank verwierp de door ROC Zeeland aangevoerde rechtvaardigingsgronden, waaronder de aard van het werk, financiering, krapte op de arbeidsmarkt en vermeende positieve discriminatie. Hoewel de eerste grief slaagde, werd het tussenvonnis niet vernietigd omdat het eindoordeel van de kantonrechter werd bevestigd. ROC Zeeland werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt dat ROC Zeeland vakantiedagen tijdens zwangerschaps- en bevallingsverlof moet compenseren en wijst het hoger beroep af.