ECLI:NL:RBMNE:2013:BZ5311
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- M. ter Brugge
- K.J. Veenstra
- G.C. van Gelein Vitringa-Boudewijnse
- Rechtspraak.nl
Vonnis over opschorting, intrekking en terugvordering bijstands- en BBZ-uitkering wegens schending inlichtingenplicht
Eisers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de gemeente die hun bijstandsuitkering opschortten en introkken en tevens de BBZ-uitkering en bedrijfskapitaal introkken en terugvorderden. Verweerder stelde dat eisers de inlichtingenplicht schonden door niet tijdig en volledig hun werkzaamheden en inkomsten te melden.
De rechtbank oordeelt dat eisers gedurende de betrokken periode niet volledig en tijdig informatie hebben verstrekt over hun activiteiten, wat een schending van de inlichtingenplicht inhoudt. Dit rechtvaardigt de opschorting en intrekking van de bijstandsuitkering en terugvordering van betaalde bedragen.
Ten aanzien van de BBZ-uitkering en het toegekende bedrijfskapitaal oordeelt de rechtbank dat verweerder onvoldoende heeft bewezen dat eisers onjuiste informatie hebben verstrekt over het soort onderneming. Eisers hebben het klusbedrijf waarvoor zij de BBZ-uitkering ontvingen daadwerkelijk opgestart. De intrekking en terugvordering van de BBZ-uitkering worden daarom vernietigd.
De rechtbank draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht aan eisers.
Uitkomst: Beroep tegen intrekking bijstandsuitkering ongegrond, beroep tegen intrekking BBZ-uitkering gegrond en besluit vernietigd.