Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 10 juni 2015 in de zaken tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser,
Procesverloop
13 juli 2012 betaalde uitkering van bruto € 41.044,95 teruggevorderd.
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep UTR 13/3349 tegen het bestreden besluit I gegrond;
- vernietigt dat bestreden besluit voor zover betrekking hebbend op [bedrijf 2] ;
- herroept het primaire besluit II en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het in zoverre vernietigde bestreden besluit;
- verklaart het beroep UTR 13/3349 voor het overige ongegrond;
- verklaart het beroep UTR 13/3351 tegen het bestreden besluit II gegrond;
- vernietigt dat bestreden besluit;
- herroept de primaire besluiten III, IV, V en VI en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser ten bedrage van € 1.960,-;
- bepaalt dat verweerder de door eiser betaalde griffierechten van totaal € 88,- aan eiser vergoedt.