Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 4 december 2015 in de zaak tussen
[eiser] te [woonplaats] , eiser
Achmea Zorgkantoor, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
- in de zorgovereenkomst niet is vastgelegd welke prestatie of welk aantal uren zorg de zorgverlenende instantie, [naam] , leverde. Er is kennelijk een vast bedrag afgesproken terwijl een variabel aantal diensten werd geleverd, de verantwoording moet berusten op werkelijk geleverde zorg en niet op basis van de voorschotten;
- op de ingezonden facturen het aantal geleverde zorguren en het uurtarief dat is berekend ontbreekt en niet te controleren is of de declaraties binnen de maximum tarieven vallen;
- de urenlijsten, de tarieven en de facturen niet met elkaar overeen komen. [naam] heeft kennelijk tijdens het onderzoek van het zorgkantoor en in de bezwaarfase correctie bovenop correctie van de ingediende verantwoording aangeleverd voor beoordeling en verweerder kan niet anders dan concluderen dat de administratie niet deugt;
- de feitelijk geleverde zorg niet overeen komt met het zorgplan en de inhoud van geleverde diensten niet kunnen worden aangemerkt als AWBZ-zorg;
- eiser er aldus niet in is geslaagd om een volledig en eenduidig beeld te schetsen van de bestedingen van het pgb;