Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
de Minister van Veiligheid en Justitie, verweerder.
Procesverloop
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser had een verzoek tot openbaarmaking op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) ingediend, dat door verweerder buiten behandeling was gelaten. Vervolgens verklaarde verweerder het bezwaar van eiser tegen deze beslissing niet-ontvankelijk. Eiser stelde beroep in bij de rechtbank.
De kern van het geschil betrof de vraag of de machtiging van de gemachtigde van eiser voldoende specifiek was om hem te vertegenwoordigen in deze bestuursrechtelijke procedure. De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en oordeelde dat hoewel de machtiging vrij algemeen was geformuleerd, de grenzen van de vertegenwoordigingsbevoegdheid voldoende bepaalbaar zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op binnen zes weken een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiser. De uitspraak werd mondeling gedaan op 2 december 2015.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder wordt opgedragen een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen.