Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
De precieze snelheid van de motorboot ten tijde van de aanvaring is niet vast te stellen. Door meerdere getuigen wordt het woord “in plané” gebruikt zonder uit te leggen wat daarmee bedoeld wordt en terwijl zij hieraan verschillende betekenissen lijken te geven.
aanmerkelijkekans bestond dat een aanvaring zou plaatsvinden.
- dood door schuld zijnde roekeloosheid ten aanzien van [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] , en
- culpoos levensgevaar veroorzaken ten aanzien van [slachtoffer 4] en [slachtoffer 1] .
5.Bewezenverklaring
op 2 augustus 2014 op de Vinkeveense Plassen te Vinkeveen, gemeente De Ronde Venen, als bestuurder van een motorboot, daarmede hoogst onachtzaam en hoogst onoplettend heeft gevaren, waardoor het aan zijn schuld te wijten is dat een eveneens op die Vinkeveense Plassen aanwezige sloep met daarop vier personen onbruikbaar werd, immers voer hij, verdachte, na voorafgaand gebruik van alcoholhoudende drank en terwijl hij geen verlichting voerde terwijl het donker was en terwijl hij een aantal dicht op elkaar liggende recreatie-eilandjes naderde met een zeer hoge snelheid waardoor de motorboot in plané kwam over de Vinkeveense Plassen, waardoor verdachte een eveneens op die Vinkeveense Plassen aanwezig verlichting voerende sloep met vier opvarenden waaronder [slachtoffer 4] en [slachtoffer 1] niet heeft gezien, ten gevolge waarvan verdachte met die motorboot in aanvaring is gekomen met die sloep en waarbij er levensgevaar voor [slachtoffer 4] en [slachtoffer 1] is ontstaan.
op 2 augustus 2014 op de Vinkeveense Plassen te Vinkeveen, gemeente De Ronde Venen, als schipper van een motorboot opzettelijk, de op hem rustende verplichtingen krachtens artikel 785 Wetboek Pro van Koophandel niet is nagekomen, immers is hij, verdachte, nadat hij in aan-/overvaring met de sloep met vier opvarenden was gekomen, met die motorboot doorgevaren en heeft hij niet zo spoedig mogelijk naar de plek van de aan-/overvaring teruggevaren teneinde de hulp te verlenen aan de die sloep en de personen aan boord van die sloep, waartoe hij bij machte was.
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
9.Het beslag
10.Ten aanzien van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
- toewijzing van de vordering tot een bedrag van € 22.285,46, bestaande uit € 2.285,46 materiële schade en € 20.000,- immateriële schade;
- afwijzing van de vordering tot een bedrag van € 54,-;
- niet-ontvankelijkverklaring van het restant van de vordering, te weten tot een bedrag van € 25.296,27;
- veroordeling in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op heden begroot op € 3.816,20;
- vermeerdering van het toegewezen bedrag van € 22.285,46 met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening;
- oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ten aanzien van het toegewezen bedrag van € 22.285,46 waarbij de vervangende hechtenis wordt gesteld op 30 dagen.
- toewijzing van de vordering tot een bedrag van € 26.943,11, bestaande uit € 6.943,11,- materiële schade en € 20.000,- immateriële schade;
- afwijzing van de vordering tot een bedrag van € 4.632,44;
- niet-ontvankelijkverklaring van het restant van de vordering, te weten tot een bedrag van € 83.197,92;
- veroordeling in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op heden begroot op € 3.860,47;
- vermeerdering van het toegewezen bedrag van € 26.943,11 met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening;
- oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ten aanzien van het toegewezen bedrag van € 26.943,11 waarbij de vervangende hechtenis wordt gesteld op 30 dagen.
- toewijzing van de vordering tot een bedrag van € 53.720,73 bestaande uit materiële schade;
- afwijzing van het restant van de vordering, te weten tot een bedrag van € 45.476,48;
- veroordeling in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op heden begroot op € 931,11;
- vermeerdering van het toegewezen bedrag van € 53.720,73 met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening;
- oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ten aanzien van het toegewezen bedrag van € 53.720,73 waarbij de vervangende hechtenis wordt gesteld op 30 dagen.
- toewijzing van de vordering tot een bedrag van € 152.150,71 bestaande uit materiële schade;
- niet-ontvankelijk verklaring van de vordering tot een bedrag van € 100,-;
- afwijzing van het restant van de vordering, te weten tot een bedrag van € 27.468,51;
- veroordeling in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op heden begroot op € 10.326,55;
- vermeerdering van het toegewezen bedrag van € 152.150,71 met de wettelijke rente vanaf 2 augustus 2014 tot aan de dag der algehele voldoening;
- oplegging van de schadevergoedingsmaatregel ten aanzien van het toegewezen bedrag van € 152.150,71 waarbij de vervangende hechtenis wordt gesteld op 30 dagen.
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
Beslissing
vier jaar.
vijf jaar.
niet heeft voldaan aan de op hem rustende verplichting