Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
tussenuitspraak van de meervoudige kamer van 3 juni 2016 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
Voor documenten 138, A37 en A58 geldt hetzelfde als hiervoor is overwogen over de verslagen van de ICCb en de MCCb. Deze documenten bevatten niet uitsluitend persoonlijke beleidsopvattingen. Per onderdeel van het document dient verweerder dan ook te motiveren welke weigeringsgrond van toepassing is. Voor zover in deze documenten de weigeringsgrond van artikel 10, tweede lid, onder e, van de Wob en de grond dat een passage buiten de bestuurlijke aangelegenheid valt, zijn toegepast, verwijst de rechtbank naar de overwegingen die hierover gaan. Deze zijn in zoverre ook van toepassing op deze documenten.
Vervolg:en achter de twee laatste bulletpoints en op pagina 3 de eerste twee bulletpoints bevatten geen persoonlijke beleidsopvattingen, maar procedurele afspraken. De gehanteerde weigeringsgrond kan de weigering dus niet dragen.
Verder is zonder nadere motivering niet begrijpelijk dat op pagina 3 een passage is weggelakt die op pagina 4 wel leesbaar is gebleven.