De zaak betreft het geschil tussen [verzoeker], werknemer bij Wilco Printing & Binding B.V., en zijn werkgever over het ontslag op staande voet wegens het meenemen van drie Fantasia IX boeken zonder toestemming. [verzoeker] betwist dat hij geen toestemming had en stelt dat hij de boeken met goedkeuring van zijn leidinggevende heeft meegenomen. Wilco stelt dat het meenemen zonder toestemming een dringende reden vormt voor ontslag op staande voet.
De kantonrechter stelt vast dat de bewijslast bij Wilco ligt om aan te tonen dat er geen toestemming was. De schriftelijke verklaringen van leidinggevenden zijn onvoldoende om het bewijs reeds geleverd te achten. Daarom wordt een bewijsopdracht gegeven waarbij Wilco schriftelijk bewijs en getuigen mag aandragen.
De kantonrechter bepaalt de procedurele voorwaarden voor het indienen van bewijsstukken en het opgeven van getuigen en hun beschikbaarheid. De datum van het getuigenverhoor zal worden vastgesteld en wijzigingen worden beperkt. De beslissing over het verzoek en het voorwaardelijke tegenverzoek wordt aangehouden totdat het bewijs is geleverd.
Deze beschikking is uitgesproken door kantonrechter L.C. Heuveling van Beek op 10 februari 2016.