Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
[verzoekster] , te [woonplaats] , verzoekster
de burgemeester van de gemeente Stichtse Vecht, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Verweerder heeft voor beide bestuurlijke rapportages een beroep gedaan op artikel 8:29 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de voorzieningenrechter meegedeeld dat uitsluitend hij kennis zal mogen nemen van de inhoud hiervan.
Verzoekster heeft aangevoerd dat verweerder ten onrechte ook de woonwagen heeft gesloten. De hennepplantage is aangetroffen in de schuur, waarvan verzoekster niet eens wist dat het haar “eigendom” was. Uit het besluit blijkt niet waarom het noodzakelijk zou zijn om ook de woning van verzoekster te sluiten. Niet gesteld kan worden dat de woning van verzoekster bekendheid geniet binnen het drugscircuit of dat de woonwagen bekend staat als drugspand. Verweerder heeft zich hierover op het standpunt gesteld dat de schuur en de woonwagen zich op hetzelfde perceel bevinden en er zo’n verband is tussen de schuur en de woonwagen, dat hij ook bevoegd is de woonwagen te sluiten. Verweerder verwijst daarbij naar de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Holland van 11 juni 2015 (ECLI:NL:RBNHO:2015:7098).
Beslissing
- schorst het primaire besluit, voor zover daarbij de woonwagen van verzoekster op het perceel [adres] is gesloten, tot zes weken na de bekendmaking van de beslissing op bezwaar;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 168,- aan verzoekster te vergoeden;