ECLI:NL:RBMNE:2018:1640
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Precariobelasting op waterleidingnet bevestigd ondanks aandeelhoudersconvenant
Eiseres, eigenaar van het waterleidingnet in de gemeente Wijk bij Duurstede, kreeg een aanslag precariobelasting opgelegd door verweerder voor het belastingjaar 2015. Eiseres betoogde dat een in 1988 gesloten aandeelhoudersconvenant een gedoogplicht voor de gemeente inhoudt die heffing van precariobelasting zou uitsluiten. De rechtbank oordeelde dat dit convenant slechts de inzet van publiekrechtelijke bevoegdheden regelt en geen contractuele gedoogplicht bevat die heffing in de weg staat.
Daarnaast stelde eiseres dat verweerder geen belang zou hebben bij de aanslag vanwege een clausule in het convenant die terugbetaling van heffingen voorschrijft. De rechtbank vond dit een civielrechtelijk twistpunt dat niet door de belastingrechter kan worden beoordeeld. Verder stelde eiseres dat de aanslag was gebaseerd op een te hoog opgegeven lengte van het leidingnet. De rechtbank stelde vast dat de gecorrigeerde opgave van 124.192 meter juist is en dat verweerder deze correctie in de uitspraak op bezwaar had moeten verwerken.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de bestreden uitspraak op bezwaar en stelde de aanslag vast op basis van de gecorrigeerde meteropgave. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht. De uitspraak bevestigt dat precariobelasting geheven mag worden ondanks het convenant en benadrukt de verplichting tot feitelijke heroverweging door het bestuursorgaan.
Uitkomst: De aanslag precariobelasting wordt verlaagd tot € 248.384,- op basis van de gecorrigeerde meteropgave en het beroep wordt gegrond verklaard.