Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.1. Verloop van de procedure
- de brief (met producties 39 tot en met 42) van de zijde van de vrouw, gedateerd 28 oktober 2016;
- de akte uitlating inzake verdeling, omvang en samenstelling van de huwelijksgoederengemeenschap (met productie 30) van de zijde van de man, gedateerd 8 maart 2017;
- de akte uitlating inzake de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap (met producties 1 tot en met 13) van de zijde van de vrouw, gedateerd 8 maart 2017;
- de antwoordakte uitlating inzake verdeling, omvang en samenstelling van de huwelijksgoederengemeenschap (met producties 37 tot en met 48) van de zijde van de man, gedateerd 20 april 2017;
- de antwoordakte inzake de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap (met productie 14) van de zijde van de vrouw, gedateerd 21 april 2017.
- de brief (met producties 14 tot en met 19) van de zijde van de vrouw, gedateerd 28 november 2017;
- het rapport (met bijlagen) van de deskundige, gedateerd 12 december 2017;
- de brief (met producties 49 tot en met 52) van de zijde van de man, gedateerd 10 januari 2018;
- de brief (met producties 43 tot en met 45) van de zijde van de vrouw, gedateerd 31 januari 2018;
- de brief (met bijlage 1) van de zijde van de vrouw, gedateerd 8 februari 2018;
- de brief van de zijde van de vrouw, gedateerd 14 februari 2018;
- de brief (met productie 53) van de zijde van de man, gedateerd 7 maart 2018;
- de brief (met productie 54) van de zijde van de man, gedateerd 4 december 2018;
- de brief (met producties 20 tot en met 23) van de zijde van de vrouw, gedateerd 10 december 2018;
- de brief van de zijde van de vrouw, gedateerd 10 december 2018;
- de brief (met producties 24 en 25) van de zijde van de vrouw, gedateerd 17 december 2018;
- het gewijzigde verzoek van de zijde van de vrouw, gedateerd 17 december 2018.
2.2. Vaststaande feiten
[naam minderjarige], geboren op [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2009.
Met dit antwoord gaat de heer [de man] niet in op de redenen waarom de definitieve cijfers inzake de post liquide middelen afwijken van de voorlopige cijfers. Daarom heb ik vraag 5 niet kunnen beantwoorden.”
- wat het exacte salaris van de man was/is;
- in hoeverre er tijdens de samenleving vermogen is gevormd;
- in hoeverre er tijdens de samenleving opnames in rekening-courant zijn gedaan;
- in hoeverre de man nog zeggenschap over de onderneming heeft;
- in hoeverre hij zich een hoger salaris kan (doen) uitkeren;
- in hoeverre er sprake is van vermogen (in Box 3) aan de kant van de man;
- in welke mate de onderhoudsverplichting richting zijn tweede kind van invloed is op zijn draagkracht.