Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding van 28 november 2019, met bijlagen,
- de mondelinge behandeling op 13 december 2019, waarvan aantekeningen zijn gemaakt,
- de verstekverlening tegen de niet verschenen gedaagde.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres werkt sinds 2015 als verzorgende bij een eenmanszaak en meldde zich in mei 2017 ziek. Zij vordert betaling van achterstallig loon en doorbetaling vanaf november 2019, alsmede loonspecificaties en wettelijke verhogingen vanwege vertraging.
De kantonrechter oordeelt dat eiseres in het eerste ziektejaar recht heeft op 100% loon, maar in het tweede ziektejaar slechts op 70%, conform cao. Eiseres stelt dat door het nalaten van gedaagde om re-integratie te starten, zij recht heeft op 100%, maar zij heeft dit niet voldoende onderbouwd. Ook had zij zelf eerder actie kunnen ondernemen bij het UWV.
Omdat eiseres meer loon heeft ontvangen dan het berekende bedrag op basis van 70%, is de loonvordering ongegrond. De vordering tot loonspecificaties wordt toegewezen, maar zonder dwangsom. Verzoeken tot wettelijke verhoging, rente en incassokosten worden afgewezen. Proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: Loonvordering afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing recht op 100% doorbetaling; wel verplichting tot verstrekken loonspecificaties opgelegd.