ECLI:NL:RBMNE:2020:1977
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen afwijzing huurtoeslag wegens niet aannemelijke huurprijsverlaging
Eiser huurt een woning van woningcorporatie De Alliantie en verzocht om huurtoeslag over 2018. Verweerder stelde de huurtoeslag op nihil omdat de rekenhuur hoger was dan de maximale huurgrens van € 710,68 per maand. Eiser betoogde dat de huurprijs met terugwerkende kracht was verlaagd naar € 710,00 vanwege een kennelijke fout door de woningcorporatie.
De rechtbank overwoog dat een huurprijs met terugwerkende kracht alleen mag worden meegenomen bij de bepaling van de rekenhuur indien deze verlaging gebaseerd is op een puntentelling in verband met de staat van de woning, zoals ook uit vaste jurisprudentie volgt. Eiser maakte niet aannemelijk dat de verlaging verband hield met de toestand van de woning; de woningcorporatie had de huurprijs alleen op verzoek van eiser aangepast zonder nadere motivering.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht was uitgegaan van de oorspronkelijke huurprijs bij de berekening van de huurtoeslag. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard en de huurtoeslag bleef op nihil vastgesteld. Verweerder hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van huurtoeslag is ongegrond verklaard en de huurtoeslag blijft nihil.