Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verloop van de procedure
- het verzoekschrift van [verzoekster] , ter griffie ingekomen op 8 april 2020;
- het verweerschrift van [verweerder] van 24 april 2020;
- de e-mail van de griffier van 19 mei 2020 waarmee is aangekondigd dat een zitting via Skype zal worden gehouden;
- de e-mail van 25 mei 2020 van [verweerder] waarin hij verzoekt om aanhouding van de procedure;
- de e-mail van de griffier van 27 mei 2020 met de reactie van de kantonrechter op het aanhoudingsverzoek;
- de e-mail van 27 mei van [verweerder] en de e-mail van 28 mei van [verzoekster] waarin zij reageren op de reactie van de kantonrechter;
- de e-mail van de griffier van 29 mei 2020 waarin wordt aangekondigd dat een Skype-zitting zal worden gehouden;
- de e-mail van 4 juni 2020 van [verweerder] waarin hij de kantonrechter verzoekt zich te verschonen;
- de aanvulling op het verzoekschrift van [verzoekster] van 4 juni 2020;
- de aanvulling op het verweerschrift van [verweerder] van 5 juni 2020;
- de e-mail van 8 juni 2020 van de griffier met de reactie van de kantonrechter op het verschoningsverzoek van [verweerder] ;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling gehouden op 9 juni 2020.