ECLI:NL:RBMNE:2020:4230
Rechtbank Midden-Nederland
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten woninginrichting wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Eiser, die sinds 2008 een zelfstandige woonruimte in Utrecht heeft en sinds 2011 een bijstandsuitkering ontvangt, verzocht om bijzondere bijstand voor de kosten van woninginrichting. Deze aanvraag werd door verweerder afgewezen omdat eiser deze kosten geacht wordt zelf te kunnen betalen uit zijn inkomen of vermogen. Eiser maakte bezwaar en stelde dat hij tot een bijzondere doelgroep behoort die aanspraak kan maken op deze bijstand.
De rechtbank oordeelt dat de kosten van woninginrichting in principe uit het inkomen moeten worden voldaan, tenzij bijzondere omstandigheden dit onmogelijk maken. De verblijfsvergunning van eiser op grond van het generaal pardon vormt geen bijzondere omstandigheid. Ook heeft eiser niet aannemelijk gemaakt dat hij tot de doelgroep behoort die volgens het buitenwettelijk begunstigend beleid aanspraak kan maken.
De rechtbank concludeert dat verweerder terecht het beroep ongegrond heeft verklaard. Er is geen reden voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van bijzondere bijstand voor woninginrichting wordt ongegrond verklaard.