De gemeente verzocht de ontbinding van de arbeidsovereenkomst met [verweerster] wegens een duurzame verstoring van de arbeidsverhouding. [Verweerster] is sinds maart 2017 arbeidsongeschikt en heeft zich ziek gemeld vanwege werkgerelateerde klachten. De bedrijfsarts stelde een conflict vast en adviseerde beëindiging van de arbeidsrelatie, maar pogingen daartoe mislukten.
De kantonrechter onderzocht of het opzegverbod tijdens ziekte van toepassing was en concludeerde dat dit het geval is. De gemeente stelde dat uitzonderingen golden omdat het verzoek geen verband hield met de ziekte, maar met het conflict. De rechter oordeelde echter dat het conflict en de ziekte onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn en dat onvoldoende is aangetoond dat het verzoek geen verband houdt met de arbeidsongeschiktheid.
Verder was er geen advies van de bedrijfsarts dat beëindiging in het belang van de werknemer was. De kantonrechter vond dat de gemeente onvoldoende had onderbouwd dat de arbeidsverhouding zodanig was verstoord dat ontbinding gerechtvaardigd was. Het verzoek werd daarom afgewezen en de gemeente werd veroordeeld in de proceskosten.