ECLI:NL:RBMNE:2020:6024
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen korting bezoldiging wegens ziekte bij Veiligheidsregio Utrecht
Eiser was werkzaam bij het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht en ontving vanaf april 2014 een korting op zijn bezoldiging vanwege arbeidsongeschiktheid en aangepaste werkzaamheden. Hij maakte bezwaar tegen deze korting, dat uiteindelijk ongegrond werd verklaard voor de salarisstroken van oktober en november 2016. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank behandelde het geschil waarbij eiser betoogde dat de salarisstroken onvoldoende informatie bevatten over de gewerkte uren en de toegepaste korting, en dat hij recht had op volledige betaling over de gewerkte uren. Verweerder stelde dat de salarisstroken duidelijk vermeldden welke korting was toegepast en dat de berekening correct was.
De rechtbank oordeelde dat artikel 7:3, zesde lid, van het CAR/Uwo geen inhoudelijke eisen stelt aan de salarisstroken en dat de vermelding van de korting in percentages op de salarisstroken voldoende is. Daarnaast kon eiser niet concreet aangeven wat onjuist was aan de berekening. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
De rechtbank wees het beroep af zonder proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de korting op de bezoldiging wegens ziekte wordt ongegrond verklaard.