Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 29 oktober 2020 in de zaak tussen
[eiser], te [woonplaats], eiser
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Almere, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
De rechtbank overweegt dat het eerste lid van artikel 16 van Pro de Pw de mogelijkheid biedt om in afwijking van artikel 11, eerste lid, van de Pw bijzondere bijstand te verlenen, indien, gelet op alle omstandigheden, zeer dringende redenen daartoe noodzaken. Dan dient vast te staan dat sprake is van een acute noodsituatie en dat de behoeftige omstandigheden waarin de belanghebbende verkeert op geen enkele andere wijze zijn te verhelpen. Uit vaste rechtspraak van de CRVB [2] volgt dat van een acute noodsituatie kan worden gesproken indien een situatie van levensbedreigende aard is of blijvend ernstig letsel of invaliditeit tot gevolg kan hebben, waarbij ernstig letsel zowel psychisch als lichamelijk letsel kan omvatten. De rechtbank is van oordeel dat dat de door eiser genoemde omstandigheden niet leiden tot het oordeel dat sprake is van een acute noodsituatie als hierboven bedoeld.