ECLI:NL:RBMNE:2021:1117
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde sportcomplex en zwembad met correctie levensduur en restwaarde
Eiseres betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarden van een sportcomplex en een zwembad, beide uit de jaren 70, en stelde lagere waarden voor. Verweerder handhaafde de hogere waarden, onderbouwd met taxatierapporten en een verlengde levensduur op basis van renovaties en exploitatieovereenkomsten.
De rechtbank oordeelde dat de gecorrigeerde vervangingswaarde leidend is en dat verweerder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de levensduur van het sportcomplex vanwege renovaties was verlengd. Voor het zwembad achtte de rechtbank de verlengde levensduur wel aannemelijk wegens goed onderhoud en exploitatieovereenkomst.
Verder concludeerde de rechtbank dat verweerder de restwaarden onvoldoende had onderbouwd met marktgegevens die vergelijkbaar waren met de onroerende zaken van eiseres. Omdat geen van beide partijen hun waarde aannemelijk had gemaakt, stelde de rechtbank de waarden schattenderwijs vast op € 2.200.000 voor het sportcomplex en € 900.000 voor het zwembad.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit voor zover aangevochten, verlaagde de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig, en veroordeelde verweerder in de proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank stelt de WOZ-waarden van het sportcomplex en zwembad lager vast en veroordeelt verweerder in proceskosten en griffierecht.