ECLI:NL:RBMNE:2021:2052
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens ernstig verwijtbaar handelen werkgever met toekenning billijke vergoeding
De werknemer trad in 2015 in dienst als vertegenwoordiger en bouwopzichter bij de werkgever. Na vijf jaar bouwopzichter te zijn geweest, ontstond in 2020 een conflict toen de werknemer weigerde een nieuwe arbeidsovereenkomst met verslechterde arbeidsvoorwaarden te tekenen bij een zusterbedrijf. De werkgever zette de werknemer onder druk en bood hem een lagere functie aan, wat leidde tot een ernstige verstoring van de arbeidsrelatie.
De werknemer meldde zich ziek in september 2020 en kon niet terugkeren naar zijn werk. Ondanks het opzegverbod wegens ziekte kan de arbeidsovereenkomst ontbonden worden vanwege de verstoorde relatie. De kantonrechter oordeelt dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door de toezegging van een functie niet na te komen en de werknemer onaanvaardbaar onder druk te zetten.
De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden met ingang van 1 mei 2021. De werknemer krijgt recht op de wettelijke transitievergoeding van €7.738,50 bruto en een billijke vergoeding van €20.000 bruto wegens het ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever. De proceskosten worden gecompenseerd en de werkgever wordt veroordeeld tot betaling van het salaris van de gemachtigde van de werknemer.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 mei 2021 met toekenning van transitievergoeding en een billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever.