ECLI:NL:RBMNE:2021:2074
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verlenging ontslaguitkering tot AOW-leeftijd wegens wijziging Regeling
Eiser, voormalig politievlieger, ontving een ontslaguitkering op grond van de Regeling ontslaguitkering vliegers Landelijke eenheid (de Regeling). De oude regeling bepaalde dat de uitkering eindigt bij het bereiken van 65 jaar, terwijl de AOW-leeftijd inmiddels is verhoogd naar 67 jaar. Eiser verzocht om verlenging van zijn uitkering tot zijn AOW-leeftijd, maar dit verzoek werd door verweerder afgewezen.
De rechtbank oordeelde dat de oude regeling geen wettelijke grondslag biedt om de uitkering te verlengen tot de AOW-leeftijd. Ook het beroep op het rechtszekerheids-, zorgvuldigheids- en vertrouwensbeginsel slaagde niet, aangezien de regeling duidelijk was en geen toezeggingen waren gedaan die een andere uitleg rechtvaardigen.
Verder werd geoordeeld dat er geen sprake is van verboden onderscheid naar leeftijd, omdat de duur van de uitkering maximaal tien jaar blijft, ongeacht de leeftijd van de betrokkenen. Ook het gelijkheidsbeginsel werd niet geschonden, omdat de situaties van andere politiefunctionarissen niet vergelijkbaar zijn.
Het beroep op onvoldoende motivering van het besluit werd verworpen omdat het besluit enkel zag op afwijzing van het verzoek tot wijziging van de einddatum en niet op de compensatieregeling uit de nieuwe regeling, waar eiser aanspraak op heeft.
Gelet op deze overwegingen verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees zij een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de ontslaguitkering te beëindigen bij 65 jaar en niet te verlengen tot de AOW-leeftijd is ongegrond verklaard.