De zaak betreft een verzoek van een werkgever tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer die sinds januari 2020 ziek is wegens rugklachten. De werkgever stelt dat de werknemer niet geschikt is voor zijn functie en dat de arbeidsverhouding verstoord is, terwijl de werknemer zich ziek heeft gemeld en re-integratie nastreeft.
De kantonrechter oordeelt dat het verzoek niet kan worden toegewezen op grond van disfunctioneren omdat de werkgever onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de werknemer tijdig is geïnformeerd en de gelegenheid heeft gekregen zijn functioneren te verbeteren. Ook is geen sprake van een verstoorde arbeidsverhouding die ontbinding rechtvaardigt. Daarnaast geldt het opzegverbod tijdens ziekte, waardoor ontbinding niet mogelijk is.
De kantonrechter wijst het verzoek af en veroordeelt de werkgever in de proceskosten van € 747,00. De uitspraak is gedaan op 7 mei 2021 door kantonrechter J.J.M. de Laat.