ECLI:NL:RBMNE:2021:2858
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens ernstige verwijtbaarheid werkgever en vaststelling billijke vergoeding
De kantonrechter van Rechtbank Midden-Nederland heeft op 25 juni 2021 de arbeidsovereenkomst tussen de stichting en de werknemer ontbonden wegens ernstige verwijtbaarheid aan de zijde van de werkgever. De ontbinding wordt vastgesteld per 1 oktober 2021. De werknemer had bezwaar gemaakt tegen de ontbinding en vorderde een transitievergoeding en een billijke vergoeding.
De kantonrechter overweegt dat de arbeidsverhouding ernstig verstoord is geraakt en dat de verwijtbaarheid aan de werkgever toerekenbaar is. De werknemer stelde dat zij tot haar pensioen bij de werkgever zou zijn gebleven en berekende de billijke vergoeding op basis van inkomensschade, pensioenschade en immateriële schade. De werkgever betwistte dit en stelde dat de arbeidsovereenkomst maximaal drie maanden waarde vertegenwoordigde.
De kantonrechter acht het niet aannemelijk dat de werknemer tot haar pensioen bij de werkgever zou hebben gewerkt, mede vanwege de ontwikkeling van het HR-werk en de arbeidsmarktpositie van de werknemer. De billijke vergoeding wordt daarom berekend op basis van een hypothetische duur van één jaar na ontbinding. De transitievergoeding wordt vastgesteld op € 23.214,40 bruto en de billijke vergoeding op € 37.500 bruto. De wettelijke rente wordt toegewezen. Verzoek tot smartengeld wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: Arbeidsovereenkomst ontbonden per 1 oktober 2021 met toekenning van transitievergoeding van €23.214,40 en billijke vergoeding van €37.500 bruto aan werknemer.