ECLI:NL:RBMNE:2021:2873
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht zonder afschriften Marokkaanse bankrekening
Verweerder heeft het recht op bijstand van eiser ingetrokken omdat eiser geen afschriften van zijn Marokkaanse bankrekening heeft verstrekt, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.
Eiser stelde dat hij zijn inlichtingenplicht niet had geschonden, omdat hij herhaaldelijk schriftelijke verzoeken had ingediend bij de bank om afschriften te verkrijgen, maar de bank niet reageerde. Tevens gaf eiser aan dat hij financieel niet in staat was om persoonlijk naar Marokko te reizen om de afschriften op te vragen. Verweerder stelde echter dat eiser andere mogelijkheden had om de afschriften te verkrijgen, zoals het overmaken van een klein bedrag om een afschrift te ontvangen, het machtigen van familie of digitale benadering van de bank, welke mogelijkheden eiser niet had benut.
De rechtbank oordeelde dat eiser zijn inlichtingenplicht had geschonden en dat verweerder terecht het recht op bijstand had ingetrokken. Wel werd geoordeeld dat verweerder onterecht had afgezien van het horen van eiser in de bezwaarfase, aangezien eiser expliciet om een hoorzitting had verzocht. Dit gebrek werd echter gepasseerd omdat eiser zijn standpunten voldoende had kunnen inbrengen tijdens de procedure.
Het beroep werd ongegrond verklaard, maar verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser en het griffierecht. De uitspraak werd gedaan door rechter Schaaf op 29 juni 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de bijstandsuitkering wegens het niet overleggen van bankafschriften wordt ongegrond verklaard.