ECLI:NL:RBMNE:2021:5279
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wob-verzoek inzake stukken asielprocedure wegens persoonlijke beleidsopvattingen en onevenredige benadeling
Eiser verzocht op grond van de Wet openbaarheid bestuur (Wob) om openbaarmaking van documenten die betrekking hebben op zijn asielprocedure, waaronder interne mails, memo’s en gespreksverslagen. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees dit verzoek af, stellende dat de stukken persoonlijke beleidsopvattingen bevatten en dat openbaarmaking zou leiden tot onevenredige benadeling van zowel eiser als de overheid.
De rechtbank heeft de stukken ingezien en geoordeeld dat deze inderdaad persoonlijke beleidsopvattingen bevatten die zijn opgesteld voor intern beraad. Deze opvattingen zijn verweven met feitelijke gegevens, waardoor scheiding niet mogelijk is. De rechtbank achtte het belang van een goede en democratische bestuursvoering zwaarder dan het belang van openbaarmaking, mede omdat het openbaar maken van dergelijke stukken het vertrouwen in de asielprocedure zou kunnen schaden.
Verweerder hoefde de stukken niet te anonimiseren, omdat het bestuursorgaan in redelijkheid kon besluiten dat openbaarmaking, ook in geanonimiseerde vorm, niet in het belang was van de bestuursvoering. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het Wob-verzoek is ongegrond verklaard en de gevraagde stukken worden niet openbaar gemaakt.