ECLI:NL:RBMNE:2021:5792
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstand met terugwerkende kracht wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Eiser heeft bijstand aangevraagd met terugwerkende kracht vanaf een eerdere datum dan de daadwerkelijke aanvraagdatum van 21 oktober 2020. Verweerder heeft bijstand toegekend vanaf 20 oktober 2020 en het bezwaar tegen het primaire besluit ongegrond verklaard. Eiser stelt dat hij door meerdere pogingen en omstandigheden recht heeft op bijstand met terugwerkende kracht.
De rechtbank overweegt dat bijstand in principe alleen wordt toegekend vanaf het moment van aanvraag, tenzij bijzondere omstandigheden aantonen dat dit niet verwijtbaar is. Eiser verwijst naar een rapport van de WRR en stelt dat verweerder onvoldoende zorgplicht heeft betracht. De rechtbank oordeelt echter dat de geldende wet- en regelgeving moet worden toegepast en dat verweerder voldoende heeft gemotiveerd dat er geen bijzondere omstandigheden zijn.
Er is geen bewijs dat eiser psychische of medische problemen had die het indienen van een aanvraag belemmerden. Eiser heeft hulp gezocht bij familie, maar dit was niet ontoereikend om een volledige aanvraag in te dienen. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en bijstand wordt niet met terugwerkende kracht toegekend.