Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.DE PROCEDURE
.De rechtbank heeft kennis genomen van
- de conclusie van eis van 15 januari 2019 van de officier van justitie;
- de conclusie van antwoord van de raadsman van veroordeelde mr. G.I. Roos van 27 februari 2019;
- de conclusie van repliek van 22 maart 2019 van de officier van justitie;
- de conclusie van dupliek van de raadsman.
2.VORDERING
3.BEOORDELING VAN DE VORDERING
,dan wel vanaf 1 januari 2010 tot en met 6 november 2017.
bruto opbrengst.
kostenworden, zoals eerder overwogen, vastgesteld op 50% van de omzet. Deze bedragen dus: € 3.341.795,85 : 2 = € 1.670.897,92.
€ 1.044.311,19.
€ 1.031.411,19.
4.TOEGEPAST WETSARTIKEL
5.BESLISSING
€ 1.044.311,19(één miljoen vierenveertigduizend driehonderdelf euro en negentien eurocent);
€ 1.031.411,19(één miljoen eenendertigduizend vierhonderdelf euro en negentien eurocent) aan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel;