ECLI:NL:RBMNE:2021:6811
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot terugbetaling pensioenpremie over onregelmatigheidstoeslag wegens onverschuldigde betaling
De zaak betreft een vordering van meerdere werkgevers tegen Stichting Pensioenfonds voor Personeelsdiensten (StiPP) tot terugbetaling van pensioenpremies die zij over de onregelmatigheidstoeslag (ORT) hebben afgedragen in de jaren 2010 tot en met 2018. De eisers stellen dat zij onverschuldigd hebben betaald omdat er geen rechtsgrond was voor de premieafdracht over de ORT en dat StiPP onrechtmatig handelt door restitutie te weigeren.
StiPP betwist dat zij zich jarenlang op het standpunt heeft gesteld dat pensioenpremie over de ORT moest worden afgedragen en stelt dat zij mocht vertrouwen op de juistheid van door werkgevers aangeleverde gegevens. Ook betwist zij dat sprake is van ongerechtvaardigde verrijking omdat de premies zijn gebruikt voor pensioenaanspraken.
De kantonrechter oordeelt dat nadere inlichtingen nodig zijn en bepaalt een mondelinge behandeling om onder meer de wijze van uitbetaling van de ORT, de rol van softwareleveranciers en het standpunt van StiPP en haar controlerende instanties te bespreken. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor het vaststellen van datum en tijdstip van de mondelinge behandeling. Verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De kantonrechter bepaalt een mondelinge behandeling en houdt verdere beslissing aan.