Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 januari 2022 in de zaak tussen
[eiseres], te [plaats] , eiseres
Rechtbank Midden-Nederland
Eisers zijn eigenaar van een perceel met een woning die is verdeeld in drie zelfstandige woonruimtes. Het college van burgemeester en wethouders van Soest stelde dat deze drie zelfstandige woningen illegaal zijn zonder omgevingsvergunning en legde een last onder dwangsom op om twee woningen op te heffen.
Eisers maakten bezwaar en stelden dat het college niet had mogen handhaven, onder meer vanwege schending van het fair-trial beginsel, hoorplicht en gelijkheidsbeginsel, en betwistten dat zij de woningen hadden gerealiseerd. De rechtbank oordeelde dat sprake is van drie zelfstandige woningen en dat eisers in strijd met de Wabo handelden door deze in stand te houden.
De rechtbank constateerde echter motiverings- en zorgvuldigheidsgebreken in het besluit, waaronder het niet verstrekken van woonhistorie en onvoldoende motivering over gelijkheidsbeginsel en detournement de pouvoir. Deze gebreken leiden tot vernietiging van het besluit, maar de rechtsgevolgen blijven in stand omdat de inhoudelijke beroepsgronden niet slagen. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens gebrekkige motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand en de last onder dwangsom blijft gehandhaafd.