ECLI:NL:RBMNE:2022:3928
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor eerder geduide WIA-functies ondanks toegenomen beperkingen
Eiser, die sinds 2016 ziekgemeld is en diverse uitkeringen ontving, betwistte het besluit van het UWV om hem arbeidsgeschikt te verklaren voor eerder geduide functies, waardoor zijn Ziektewetuitkering werd beëindigd. Hij stelde dat door toegenomen beperkingen en een behandeling bij De Waag hij niet geschikt zou zijn voor deze functies.
De rechtbank oordeelde dat het UWV terecht heeft vastgesteld dat eiser geschikt is voor ten minste één van de functies die eerder bij de WIA-beoordeling zijn vastgesteld, ondanks de door eiser aangevoerde beperkingen. De medische beoordeling van verzekeringsarts Van Mourik werd als zorgvuldig en juist beoordeeld, en het rapport van het Expertise Instituut bood onvoldoende bewijs om het tegendeel aan te tonen.
Verder stelde de rechtbank dat de toepasselijke jurisprudentie, waaronder een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 14 juli 2021, niet onjuist werd toegepast. De vraag of eiser recht heeft op een WIA-uitkering wegens toegenomen beperkingen valt buiten de reikwijdte van deze procedure.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en bleef het besluit van het UWV in stand dat eiser geen Ziektewetuitkering meer ontvangt vanaf 18 augustus 2021.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het UWV-besluit om hem arbeidsgeschikt te verklaren blijft in stand.