De rechtbank Midden-Nederland heeft op 12 januari 2023 een beschikking gegeven over een voorlopige ondertoezichtstelling van een negenjarige minderjarige, naar aanleiding van een brief die zij zelf aan de rechtbank heeft geschreven. De brief en de zitting deden vermoeden dat de minderjarige klem zit tussen haar ouders, wat haar ontwikkeling ernstig bedreigt.
De minderjarige woont bij haar moeder en oefent haar ouders gezamenlijk het ouderlijk gezag uit. Eerder heeft de minderjarige al onder toezicht gestaan van februari 2016 tot september 2021, met als doel veilig en ontspannen contact met beide ouders. Hoewel destijds dit doel was bereikt, uitte de minderjarige recent de wens om minder contact met haar vader te hebben en de achternaam van haar stiefvader te dragen.
Tijdens de zitting bleek dat de ouders het onderling niet lukt om de zorgen over de situatie te bespreken, wat de loyaliteitsconflicten voor de minderjarige versterkt. De kinderrechter achtte een voorlopige ondertoezichtstelling noodzakelijk om de acute en ernstige bedreiging voor de minderjarige weg te nemen en stelde haar onder toezicht van Stichting Samen Veilig Midden-Nederland voor drie maanden.