Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de Belastingdienst/Toeslagen op haar aanvraag tot herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag van 12 april 2022. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat eiseres de Belastingdienst op 14 april 2023 in gebreke heeft gesteld, waarna het beroep tijdig is ingediend.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de Belastingdienst op alsnog binnen de wettelijke termijnen een besluit te nemen. Daarbij neemt de rechtbank de door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 23 augustus 2023 vastgestelde nadere beslistermijnen over, waaronder een termijn van zes weken na verzending van de uitspraak voor een schriftelijke vooraankondiging en een termijn van twee weken daarna voor het nemen van het besluit.
Daarnaast legt de rechtbank een dwangsom van € 100,- per dag op voor elke dag dat de Belastingdienst deze termijnen overschrijdt, met een maximum van € 15.000,-. De proceskosten van eiseres worden vergoed en het betaalde griffierecht wordt terugbetaald. De uitspraak is gedaan door rechter M. Eversteijn op 18 september 2023.