ECLI:NL:RBMNE:2023:5199
Rechtbank Midden-Nederland
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarden pension, bedrijfswoning en vakantiewoning met afwijzing beroep en beperkte schadevergoeding
Eiseres betwistte de WOZ-waarden van drie onroerende zaken: een pension/logiesgebouw, een bedrijfswoning en een vakantiewoning, vastgesteld per 1 januari 2020. De heffingsambtenaar had de waarden vastgesteld op respectievelijk €342.000, €258.000 en €199.000. De rechtbank beoordeelde de gebruikte waarderingsmethoden: de bedrijfswaarde-methode voor het pension en de vergelijkingsmethode voor de woningen.
De heffingsambtenaar onderbouwde zijn waarderingen met taxatiematrices en toelichtingen, waaronder ervaringscijfers van een taxateur en gegevens over overnachtingen en omzet. Eiseres voerde onder meer aan dat de coronapandemie onvoldoende was meegewogen en dat referentiewoningen niet vergelijkbaar waren. De rechtbank vond de toelichtingen voldoende en oordeelde dat de waarden niet te hoog waren vastgesteld.
Daarnaast vroeg eiseres een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank stelde vast dat de termijn met ongeveer zes maanden was overschreden en kende een forfaitaire vergoeding van €50 toe, waarvan €10 voor de heffingsambtenaar en €40 voor de Staat. Het verzoek om vergoeding van griffierecht en proceskosten werd afgewezen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, wees de schadevergoeding toe en wees proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van Rechtbank Midden-Nederland op 21 september 2023.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarden wordt ongegrond verklaard en een beperkte schadevergoeding van €50 wordt toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn.