Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 december 2022 in de zaken tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente] , verweerder
Inleiding
Overwegingen in de zaak over het jaar 2019 (UTR 21/513)
Overwegingen in de zaak over het jaar 2020 (UTR 21/506)
Overwegingen over de overschrijding van de redelijke termijn
De Grondwet geeft de grondslag voor de beoordeling
Overwegingen over de kosten van de procedures
Tot slot wordt ingevolge vaste jurisprudentie aanspraak gemaakt op de immateriële schadevergoeding ad 500,- euro per half jaar onredelijke termijnoverschrijding, naar boven afgerond, kosten rechtens”.
Alvast/nogmaals wordt aanspraak gemaakt op de immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn ad 500,- euro per half jaar (extra) vertraging alsmede de hieruit voortvloeiende kosten rechtens. Het inleidende bezwaarschrift werd reeds door verweerder ontvangen op of omstreeks 29 februari 2020. Vide ECLI:NL:HR:2022:752.”
Beslissing
- verklaart de beroepen ongegrond;
- veroordeelt de heffingsambtenaar tot het betalen van een schadevergoeding aan eiser tot een bedrag van € 60,-;
- veroordeelt de Staat tot het betalen van een schadevergoeding aan eiser tot een bedrag van € 20,-.
mr. M.H.L. Debets, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op