Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de Belastingdienst op haar aanvraag voor herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag van 17 maart 2021. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat het beroep gegrond is.
De rechtbank draagt de Belastingdienst op binnen zes weken na verzending van deze uitspraak een schriftelijke vooraankondiging te doen en binnen twee weken na ontvangst van een zienswijze of het verstrijken van de reactietermijn een besluit te nemen. Voor elke dag overschrijding van deze termijnen is een dwangsom van € 100,- verschuldigd, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast wordt de Belastingdienst veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiseres en vergoeding van het griffierecht. De uitspraak volgt de nadere beslistermijnen die de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft vastgesteld voor soortgelijke zaken in het kader van de Wet hersteloperatie toeslagen.