ECLI:NL:RBMNE:2023:5971
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen afwijzing WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Eiseres, voorheen tandartsassistente, verzocht om een WIA-uitkering na ziekte en gedeeltelijke werkhervatting. Het UWV stelde vast dat zij per 30 augustus 2022 29,82% arbeidsongeschikt was, later bij bezwaar verhoogd naar 34,09%, maar nog onder de 35% grens.
Eiseres betwistte deze beoordeling en stelde dat zij volledig arbeidsongeschikt is, met name vanwege toegenomen heupklachten en energetische beperkingen. Zij verzocht ook om een onafhankelijke deskundige. De rechtbank oordeelde dat het UWV zijn medische beoordeling zorgvuldig had uitgevoerd, onderbouwd door verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen, en dat eiseres onvoldoende medische onderbouwing aanvoerde om deze te weerleggen.
De rechtbank volgde de verzekeringsarts die concludeerde dat de fysieke en psychische klachten adequaat waren meegenomen en dat er geen energetische beperkingen of urenbeperking gerechtvaardigd waren. Ook de arbeidskundige beoordeling werd als voldoende gemotiveerd beoordeeld. Het verzoek om een onafhankelijke deskundige werd afgewezen. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiseres kreeg geen recht op de WIA-uitkering.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het besluit van het UWV wordt ongegrond verklaard; zij heeft geen recht op WIA-uitkering per 30 augustus 2022.