ECLI:NL:RBMNE:2023:6739
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vestiging gemeentelijk voorkeursrecht ondanks bezwaar eigenaar
Eiseres, eigenaar van meerdere percelen met kantoorgebouwen en parkeervoorzieningen in Utrecht, maakte bezwaar tegen het door de gemeenteraad gevestigde voorkeursrecht op haar percelen. Zij stelde dat het voorkeursrecht haar belangen als eigenaar onevenredig schaadt, vooral omdat het complex als één geheel functioneert en de parkeergarage op het aangewezen perceel essentieel is.
De rechtbank toetste of de raad het voorkeursrecht redelijkerwijs mocht vestigen en of het evenredigheidsbeginsel werd geschonden. De rechtbank concludeerde dat de raad het algemeen belang van herontwikkeling van de locatie zwaarder mocht laten wegen dan het individuele belang van eiseres. Tevens is het voorkeursrecht een geschikt, noodzakelijk en evenwichtig middel om het beoogde doel te bereiken.
De rechtbank oordeelde ook dat het artikel 11 lid 3 Wvg Pro, dat eiseres de mogelijkheid biedt om bij samenhang te eisen dat de gemeente het gehele complex koopt, een reële waarborg vormt. Er was geen sprake van een motiveringsgebrek of onzorgvuldige besluitvorming. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het voorkeursrecht blijft van kracht.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de vestiging van het gemeentelijk voorkeursrecht wordt ongegrond verklaard.