Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 21 maart 2024 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
Inleiding
22 februari 2023 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van de woning gehandhaafd.
Beoordeling van de rechtbank
1 januari 2021. Eiseres bepleit een lagere waarde, namelijk maximaal € 249.000,-. De heffingsambtenaar handhaaft in beroep de vastgestelde waarde van € 281.000,-.
van deze referentiewoning 77 m2 is. Op de zitting heeft de heffingsambtenaar hierover toegelicht dat de gebruiksoppervlaktes in de iWOZ-gegevens afwijken van de BAG-gebruiksoppervlaktes. Hierdoor zijn de gebruiksoppervlakte in de nieuwe taxatiematrix aangepast. De rechtbank kan het standpunt van eiseres daarom volgen. Uit de iWOZ-gegevens blijkt namelijk dat [straat 2] [nummeraanduiding 5] een gebruiksoppervlakte heeft van 77 m2 en een BAG-gebruiksoppervlakte van 72 m2. De heffingsambtenaar had daarom in de taxatiematrix van een gebruiksoppervlakte van 77 m2 moeten uitgaan. Dit betekent echter niet dat de heffingsambtenaar de waarde van de woning te hoog heeft vastgesteld. Als wordt uitgegaan van een gebruiksoppervlakte van 77 m2 heeft [straat 2] [nummeraanduiding 5] namelijk een m2-prijs van € 3.922,-. Dit is alsnog een hoger dan de m2-prijs van de woning van eiseres (€ 3.395,-). De beroepsgrond slaagt niet.
3 maart 2022 en is door de rechtbank op 21 maart 2024 uitspraak gedaan. De redelijke termijn van 2 jaar wordt dus met (afgerond naar boven) 1 maand overschreden.
Beslissing
mr.D. Burggraaf, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 21 maart 2024.