Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar van 6 februari 2023 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn door de Belastingdienst is overschreden en dat eiseres tijdig beroep heeft ingesteld na een schriftelijke ingebrekestelling.
De rechtbank volgt de door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 23 augustus 2023 vastgestelde beslistermijnen voor de Wet hersteloperatie toeslagen en bepaalt dat de Belastingdienst uiterlijk 10 juni 2024 een besluit op bezwaar moet nemen. Voor elke dag overschrijding van deze termijn is een dwangsom van € 100,- opgelegd, met een maximum van € 15.000,-.
Daarnaast wordt de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres (€ 218,75) en het betaalde griffierecht (€ 51,-). De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt op binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen.