Uitspraak
uitspraak van de meervoudige kamer van 26 januari 2024 in de zaak tussen
Stichting Milieuzorg Zeist en omstreken, gevestigd in Bilthoven, eiseres
het college van gedeputeerde staten van de provincie Utrecht, verweerder
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
kwantitatievewoningbehoefte zal de rechtbank daarom niet bespreken.
kwalitatievewoningbehoefte wijst Milieuzorg Zeist er in haar reactie op dat de uitkomsten van het nieuwe onderzoek afwijken van de conclusies van het eerdere in de tussenuitspraak beoordeelde “Woningbehoefte-onderzoek 2019 gemeente Soest” van 3 oktober 2019 en het ook in de tussenuitspraak beoordeelde “Woningmarktonderzoek Zeist” van 31 januari 2020. Ook uit de regionale woningmarktanalyses uit 2019 en 2020 volgt volgens Milieuzorg Zeist dat de vraag naar dure koopwoningen relatief beperkt is. Zij wijst daartoe ook op het onderzoek Woonvisie Utrecht in Balans. Uit eerdere ervaringen blijkt bovendien dat het doorstroompotentieel van dure woningen in de praktijk vaak tegenvalt en Milieuzorg Zeist twijfelt aan de aantrekkingskracht die uitgaat van het landelijke woonprofiel.
gemeenteUtrecht en gaat niet over de regionale behoefte. Milieuzorg Zeist betwist de in het woningmarktonderzoek gegeven aantallen woningen in het dure segment waaraan behoefte bestaan op zichzelf bovendien niet. Dat die aantallen in relatieve zin beperkt zijn ten opzichte van de woningen in andere segmenten waaraan ook behoefte bestaat, betekent niet dat de conclusie uit het onderzoek onjuist is of dat de behoefte aan dure woningen er niet is. De twijfels die Milieuzorg Zeist heeft aan de doorstroming en aan de behoefte aan landelijk wonen vindt de rechtbank ten slotte te exemplarisch en te weinig onderbouwd.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- vernietigt de beslissing op bezwaar van 22 juli 2021;
- vernietigt het besluit van 8 december 2022;
- bepaalt dat de rechtsgevolgen van deze besluiten in stand blijven;
- draagt gedeputeerde staten op het betaalde griffierecht van € 360,- aan Milieuzorg Zeist te vergoeden.