Eiser heeft beroep ingesteld omdat verweerder niet tijdig heeft beslist op zijn bezwaar van 28 februari 2023 tegen de definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat eiser tijdig beroep heeft ingesteld na een ingebrekestelling.
De rechtbank verwijst naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 23 augustus 2023, waarin nadere beslistermijnen zijn vastgesteld voor dit soort zaken. De rechtbank past deze termijnen toe en bepaalt dat verweerder uiterlijk binnen zes weken na verzending van deze uitspraak een besluit op bezwaar moet nemen.
Verder wordt verweerder veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €100 per dag bij overschrijding van deze termijn, met een maximum van €15.000. Eiser krijgt een vergoeding van €218,75 voor proceskosten en het betaalde griffierecht van €50 wordt aan eiser vergoed. De rechtbank vernietigt het niet tijdig nemen van het besluit en verklaart het beroep gegrond.