ECLI:NL:RBMNE:2024:4882
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging vrijwillige Ziektewetverzekering zonder terugwerkende kracht voor directeur-grootaandeelhouder
Eiseres was vanaf 1 januari 2019 vrijwillig verzekerd voor de Ziektewet en WIA als zelfstandige. Na oprichting van haar besloten vennootschap op 26 maart 2021, waarbij zij directeur-grootaandeelhouder werd, verzocht zij op 21 oktober 2023 de beëindiging van haar vrijwillige verzekering met terugwerkende kracht tot 1 april 2021, de datum van oprichting van de BV. Het UWV beëindigde de verzekering echter per 21 oktober 2023 en weigerde terugwerkende kracht en terugbetaling van premies.
De rechtbank oordeelt dat het UWV de verzekering niet uit eigen beweging kan beëindigen en dat eiseres zelf verantwoordelijk was om wijzigingen door te geven. De vaste gedragslijn van het UWV staat alleen beëindiging per toekomstige datum toe, tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen. De rechtbank stelt vast dat geen bijzondere omstandigheden aanwezig zijn, omdat eiseres het UWV niet informeerde over de oprichting van de BV en het beëindigen van haar eenmanszaak, waardoor het UWV risico liep.
Verder heeft het UWV voldoende duidelijk gecommuniceerd over het beperkte nut van de verzekering voor een directeur-grootaandeelhouder. Eiseres heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het UWV onvoldoende heeft geïnformeerd. Ook eerdere jurisprudentie bevestigt dat geen aanspraak op terugwerkende kracht gemaakt kan worden. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en laat het besluit van het UWV in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en het besluit van het UWV blijft ongewijzigd.