Uitspraak
18.2387 ZW, 18/2388 ZW, 18/2389 ZW, 18/2390 ZW
OVERWEGINGEN
.Dit betekent dat appellant over de periode van 7 februari 2013 tot en met 2 februari 2015 geen recht had op een ZW-uitkering
.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, die sinds 2004 een eenmanszaak had, heeft deze in 2012 omgezet in vier B.V.'s, waarbij hij DGA werd. Hij meldde zich in 2013 ziek en ontving een ZW-uitkering tot 2015. Het UWV stelde vast dat appellant als DGA niet verzekerd was voor de Ziektewet en vorderde de onverschuldigd betaalde uitkering terug.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat appellant redelijkerwijs had moeten weten dat zijn DGA-status gevolgen had voor zijn verzekeringspositie. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij vrijwillig verzekerd was en dat hem was verteld dat zijn DGA-status geen consequenties had.
De Raad overwoog dat de loondoorbetalingsverplichting van de B.V. de uitkering uitsluit en dat appellant de wijziging in rechtsvorm niet tijdig aan het UWV had gemeld. Ook onjuiste voorlichting door een accountant valt binnen zijn risicosfeer. De Raad bevestigde de intrekking en terugvordering van de uitkering en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de ZW-uitkering aan appellant wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.