Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de Dienst Toeslagen op haar aanvraag van 10 mei 2023 voor aanvullende compensatie werkelijke schade. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn is overschreden en dat verweerder in gebreke is gesteld op 22 mei 2024. Het beroep is gegrond verklaard.
De rechtbank bepaalt dat verweerder alsnog binnen zes weken na verzending van deze uitspraak een besluit moet nemen. Daarbij geldt een dwangsom van € 100,- per dag met een maximum van € 15.000,- voor elke dag overschrijding. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres en het betaalde griffierecht.
De rechtbank verwijst naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 23 augustus 2023 voor de toepassing van beslistermijnen en benadrukt dat voor de aanvullende compensatie op grond van artikel 2.1, derde lid, Wht geen vooraankondiging verplicht is. De uitspraak is gedaan door rechter Catsburg en griffier Bressers op 12 augustus 2024.