ECLI:NL:RBMNE:2024:5642
Rechtbank Midden-Nederland
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over duurzame volledige arbeidsongeschiktheid ex-werknemer volgens Wet WIA
De ex-werknemer viel in juli 2018 uit wegens gezondheidsklachten en ontving een WGA-uitkering op grond van de Wet WIA. Het UWV stelde in een besluit van april 2023 dat de werknemer volledig, maar niet duurzaam arbeidsongeschikt is. Zowel de werkgever als de ex-werknemer maakten bezwaar tegen dit besluit. De verzekeringsarts bezwaar en beroep en de arbeidsdeskundige beoordeelden de beperkingen en arbeidsongeschiktheid van de werknemer, waarbij de verzekeringsarts bezwaar en beroep concludeerde dat de beperkingen zorgvuldig waren vastgesteld.
De rechtbank onderzocht of de medische beoordeling zorgvuldig was en of het UWV terecht oordeelde dat de arbeidsongeschiktheid niet duurzaam was. De rechtbank oordeelde dat het UWV onvoldoende had gemotiveerd waarom de beperkingen niet duurzaam zouden zijn, mede omdat het UWV geen navraag had gedaan bij de behandelend sector over het behandeldoel en de prognose van herstel. Ook was onvoldoende toegelicht welke behandelingen mogelijk zijn en welke functionele mogelijkheden daardoor kunnen toenemen.
De rechtbank stelde dat het UWV de gelegenheid krijgt om het motiveringsgebrek te herstellen binnen acht weken na verzending van deze tussenuitspraak. De procedure blijft beperkt tot de reeds besproken beroepsgronden. De rechtbank houdt verdere beslissingen aan tot de einduitspraak, waaronder over proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het UWV krijgt acht weken de gelegenheid om het motiveringsgebrek over de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid te herstellen; verdere beslissing wordt aangehouden.