Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
thans gedetineerd in [verblijfplaats] ,
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
proces-verbaal van verdachte, houdende de verklaring van [getuige 1] , inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van aangifte, houdende de verklaring van [slachtoffer] , inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van verhoor aangever, houdende de verklaring van [slachtoffer] , inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van verhoor getuige, houdende de verklaring van [getuige 2] , inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van verhoor getuige, houdende de verklaring van [getuige 3] , inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van verhoor getuige, houdende de verklaring van [getuige 4] , inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van bevindingen,houdende de analyse historische verkeersgegevens van telefoonnummer [telefoon] , inhoudende, zakelijk weergegeven:
proces-verbaal van bevindingen, houdende de analyse historische verkeersgegevens van telefoonnummer [telefoon] , inhoudende, zakelijk weergegeven:
verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 30 januari 2024, inhoudende, zakelijk weergegeven:
4.BEWEZENVERKLARING
5.STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
6.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
7.OPLEGGING VAN STRAF
- een uittreksel justitiële documentatie van 1 januari 2024, waaruit blijkt dat verdachte eerder is veroordeelt onder meer tot langdurige gevangenisstraffen wegens drugsdelicten. Verdachte is niet eerder veroordeeld voor soortgelijke geweldsmisdrijven;
- een NIFP-consult van 3 juli 2023, uitgebracht door drs. V.I. Tiemens, GZ-psycholoog;
- een advies van Reclassering Nederland van 30 september 2023, uitgebracht door W.M.G.M. van Kempen, reclasseringswerker.
8.BENADEELDE PARTIJ
9.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
10.BESLISSING
gevangenisstraf van 8 (acht) jaren;
- wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 15.260,97, bestaande uit € 260,97 materiële schade en een vergoeding van € 15.000,00 voor immateriële schade;
- verklaart [slachtoffer] wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 oktober 2021 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 15.260,97 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 oktober 2021 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 111 dagen gijzeling;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.