Eiseressen hebben bezwaar gemaakt tegen de aan een derde verleende standplaatsvergunning voor de verkoop van kebab, Turkse pizza en snacks aan een straat in de gemeente. Het college van burgemeester en wethouders heeft niet binnen de wettelijke termijn van twaalf weken beslist op dit bezwaar. Nadat eiseressen het college op 17 juni 2024 in gebreke hadden gesteld, bleef een besluit uit.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat het college niet tijdig heeft beslist. De rechtbank draagt het college op binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen op het bezwaar. Tevens wordt het college een dwangsom van € 100,- per dag opgelegd, met een maximum van € 15.000,-, voor iedere dag dat het besluit uitblijft.
Verder moet het college het griffierecht van € 371,- en een proceskostenvergoeding van € 437,50 aan eiseressen vergoeden. De rechtbank baseert dit op het Besluit proceskosten bestuursrecht en houdt rekening met de lichte aard van de zaak. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 18 december 2024.