ECLI:NL:RBMNE:2025:3177
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroepen inzake niet tijdig beslissen op compensatie kinderopvangtoeslag
Eiseres heeft meerdere beroepen ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaarschriften met betrekking tot een aanvraag compensatie kinderopvangtoeslag. De rechtbank oordeelt dat verweerder op 6 juni 2022 reeds een definitief besluit heeft genomen waarin het compensatiebedrag is vastgesteld en uitgekeerd.
Het eerste beroep (zaaknummer UTR 23/3067) is ongegrond omdat de ingebrekestelling ten onrechte is gedaan en verweerder geen dwangsom verschuldigd is. Het tweede beroep (UTR 24/591) is niet-ontvankelijk omdat het bezwaar te laat is beslist, maar geen dwangsom verschuldigd is op grond van de Awb. Het derde beroep (UTR 24/588) is eveneens niet-ontvankelijk omdat het bezwaar niet gericht is tegen een besluit in de zin van artikel 1:3 van Pro de Awb, maar tegen een louter informatieve vooraankondiging.
De rechtbank benadrukt dat een niet juiste bekendmaking van besluiten niet leidt tot dwangsommen indien het bestuursorgaan wel tijdig heeft beslist. De beroepen worden dan ook ongegrond of niet-ontvankelijk verklaard. De uitspraak is gedaan door rechter J.H. Lange op 13 juni 2025.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond of niet-ontvankelijk verklaard en verweerder is geen dwangsommen verschuldigd.