In deze kortgedingprocedure vordert een voormalig medewerker van een publieke omroep de publicatie en verspreiding van een intern onderzoeksrapport over vermeend grensoverschrijdend gedrag van een toenmalige bestuurder en hoofdredacteur. Tevens wordt een voorschot op advocaatkosten gevorderd. De rechtbank oordeelt dat er geen algemeen recht bestaat voor journalisten of oud-medewerkers op inzage of publicatie van dergelijke interne rapporten, zeker niet zonder concrete toepassing van de aangevoerde wet- en regelgeving.
De eiseres wordt niet aangemerkt als klokkenluider omdat zij niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een melding van een vermoeden van een misstand heeft gedaan volgens de geldende klokkenluidersregelingen. Ook het beroep op het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten, de EU-klokkenluidersrichtlijn en de Gedragscode Integriteit Publieke Omroep leidt niet tot toewijzing.
De rechtbank benadrukt het belang van de privacy van betrokkenen bij het rapport, waaronder geïnterviewde medewerkers, en stelt dat publicatie kan leiden tot ongewenste effecten zoals het belemmeren van toekomstige onderzoeken. Een tussenoplossing waarbij de eiseres inzage krijgt om zelf te bepalen wat gepubliceerd kan worden, wordt eveneens afgewezen.
Ten aanzien van het gevorderde voorschot op advocaatkosten wordt geoordeeld dat onvoldoende aannemelijk is dat er nog kosten gemaakt zullen worden en dat er geen overzicht van reeds gemaakte kosten is overgelegd. De vorderingen worden derhalve afgewezen en de eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.