ECLI:NL:RBMNE:2025:4335
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Eiseres, werkzaam als grafisch vormgever, viel op 23 augustus 2021 ziek uit en vroeg na afloop van de wachttijd van 104 weken een WIA-uitkering aan. Het UWV wees de aanvraag af omdat eiseres slechts voor 21,02% arbeidsongeschikt werd geacht. Na bezwaar verklaarde het UWV het bezwaar ongegrond. Eiseres stelde beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank beoordeelde of het UWV het besluit zorgvuldig en juist had genomen. De medische beoordeling door verzekeringsartsen en het arbeidskundig onderzoek voldeden aan de vereisten van zorgvuldigheid en logische motivering. Eiseres stelde dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was vanwege de korte duur van het fysieke onderzoek en dat haar beperkingen onvoldoende waren erkend, maar de rechtbank vond deze gronden onvoldoende onderbouwd.
Ook het verzoek om benoeming van een onafhankelijke verzekeringsarts werd afgewezen omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en eiseres voldoende gelegenheid had gehad haar standpunten te onderbouwen. De arbeidskundige beoordeling werd eveneens als deugdelijk en passend beoordeeld. Omdat eiseres minder dan 35% arbeidsongeschikt is, heeft zij geen recht op een WIA-uitkering. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt is.